AOW-leeftijd berekenen
Inhoudsopgave
- Hoe wordt de AOW-leeftijd bepaald?
- De AOW-leeftijd in 2026 en de toekomst
- Wat betekent pensionering voor je portemonnee?
- Het belastingvoordeel voor AOW’ers
- De keerzijde: veranderingen in heffingskortingen
- Flexibiliteit rondom je pensioen
- Eerder stoppen met werken dan de AOW-leeftijd
- Doorwerken na de AOW-leeftijd
- De AOW is de basis, geen eindstation
- Veelgestelde vragen over de AOW-leeftijd
Vul je geboortedatum in en zie direct op welke leeftijd en datum jij AOW ontvangt.
Hoe wordt de AOW-leeftijd bepaald?
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop je in Nederland recht krijgt op een AOW-uitkering van de overheid. Dit is een basispensioen. De gedachte achter de AOW-leeftijd is niet willekeurig: deze is direct gekoppeld aan de stijgende levensverwachting in Nederland. Omdat we gemiddeld steeds ouder worden, is de leeftijd waarop we AOW ontvangen de afgelopen jaren stapsgewijs verhoogd. Het idee is dat de verhouding tussen het aantal werkende jaren en het aantal jaren pensioen in balans blijft.
De overheid stelt de AOW-leeftijd voor de toekomst vast. Om burgers zekerheid te geven, gebeurt dit altijd vijf jaar van tevoren. We weten dus al jaren van tevoren wanneer een bepaalde generatie aan de beurt is. Voor iedereen die geboren is na 30 september 1963, is de AOW-leeftijd nog niet definitief vastgesteld en zal deze verder stijgen met de levensverwachting.
De AOW-leeftijd in 2026 en de toekomst
Voor de komende jaren staat de AOW-leeftijd vast. In 2026 is de AOW-leeftijd 67 jaar. Dit geldt voor iedereen die geboren is tot en met 1960. Voor de generaties daarna is er al een kleine verhoging doorgevoerd:
- Geboren voor 1 januari 1961: de AOW-leeftijd is 67 jaar.
- Geboren tussen 1 januari 1961 en 30 september 1963: de AOW-leeftijd is 67 jaar en 3 maanden.
Ben je later geboren? Dan is je AOW-leeftijd nog niet definitief vastgesteld. De kans is zeer groot dat deze verder zal stijgen. De overheid zal, op basis van de prognoses van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) over de levensverwachting, de leeftijd verder verhogen. Onze calculator bovenaan de pagina houdt rekening met de meest recente besluiten en prognoses.
Wat betekent pensionering voor je portemonnee?
Het bereiken van de AOW-leeftijd is meer dan alleen een mijlpaal. Het heeft directe en merkbare gevolgen voor je netto inkomen, voornamelijk door veranderingen in de inkomstenbelasting. Op het eerste gezicht lijkt het misschien ingewikkeld, maar de basis is vrij eenvoudig te begrijpen.
Het belastingvoordeel voor AOW’ers
Het grootste financiële voordeel na het bereiken van je AOW-leeftijd is de lagere inkomstenbelasting in de eerste belastingschijf. Als je werkt, betaal je over je inkomen niet alleen loonbelasting, maar ook premies voor volksverzekeringen, waaronder de AOW. Vanaf het moment dat je zelf AOW ontvangt, hoef je deze AOW-premie niet meer te betalen. Hierdoor daalt het belastingtarief in de eerste schijf aanzienlijk.
In 2026 is het tarief in de eerste schijf (voor inkomens tot en met 38.883 euro) voor werkenden 35,75%. Voor iemand die de AOW-leeftijd heeft bereikt, is dat tarief slechts 17,85%. Dat is een verschil van bijna 18 procentpunt. Dit zorgt ervoor dat je over je AOW-uitkering en een eventueel aanvullend pensioen netto meer overhoudt. In ons artikel over de belastingschijven van 2026 lees je hier meer over.
Laten we dit met een rekenvoorbeeld verduidelijken. We vergelijken twee personen met een bruto jaarinkomen van 35.000 euro uit pensioen of een andere uitkering. De ene persoon is 66 jaar, de ander heeft net de AOW-leeftijd van 67 jaar bereikt. Voor de eenvoud kijken we alleen naar het effect van het belastingtarief, nog zonder heffingskortingen.
| Situatie | Bruto inkomen | Belastingtarief (schijf 1) | Te betalen belasting |
|---|---|---|---|
| Persoon van 66 jaar | € 35.000 | 35,75% | € 12.512,50 |
| Persoon van 67 jaar (AOW-gerechtigd) | € 35.000 | 17,85% | € 6.247,50 |
Zoals je ziet, is het verschil in de te betalen belasting enorm. Dit lagere tarief geldt voor je AOW-uitkering, je aanvullend pensioen en eventuele andere inkomsten in box 1, zolang je binnen die eerste schijf blijft.
De keerzijde: veranderingen in heffingskortingen
Helaas is het niet alleen maar goed nieuws. Terwijl het belastingtarief daalt, veranderen ook de heffingskortingen. Heffingskortingen zijn kortingen op de belasting die je moet betalen. De belangrijkste verandering is het wegvallen van de arbeidskorting. Deze korting is, zoals de naam al zegt, gekoppeld aan inkomen uit arbeid. Omdat een AOW-uitkering en pensioen geen inkomen uit arbeid zijn, heb je hierover geen recht op arbeidskorting. Dit kan een flinke tegenvaller zijn voor wie gewend was aan dit voordeel.
Werk je door na je AOW-leeftijd? Dan heb je over het loon dat je verdient wél recht op arbeidskorting. De algemene heffingskorting, waar iedereen recht op heeft, blijft wel bestaan, maar de opbouw en hoogte ervan zijn voor AOW-gerechtigden anders dan voor werkenden. Wil je precies weten hoe dit zit? Lees dan onze uitgebreide uitleg over heffingskorting en arbeidskorting.
Flexibiliteit rondom je pensioen
De AOW-leeftijd is een harde grens die door de overheid wordt vastgesteld. Je kunt je AOW-uitkering niet eerder laten ingaan. Toch betekent dit niet dat je geen enkele keuze hebt over wanneer je stopt met werken.
Eerder stoppen met werken dan de AOW-leeftijd
Veel mensen dromen ervan om eerder te stoppen met werken. Dit is mogelijk, maar je moet de periode tot je AOW-leeftijd zelf financieel overbruggen. Je AOW-uitkering gaat namelijk pas in op de vastgestelde datum. Je kunt deze periode overbruggen met eigen spaargeld, beleggingen, of door je aanvullend pensioen (dat je via je werkgever hebt opgebouwd) eerder te laten ingaan. Houd er rekening mee dat het vervroegen van je werkgeverspensioen betekent dat de maandelijkse uitkering lager wordt, voor de rest van je leven. Je moet immers een langere periode met hetzelfde opgebouwde kapitaal doen. Een goede financiële planning is hierbij cruciaal. Het kan verstandig zijn om je vaste lasten in kaart te brengen met bijvoorbeeld onze calculator voor hypotheeklasten.
Doorwerken na de AOW-leeftijd
Steeds meer mensen kiezen ervoor om na hun AOW-leeftijd te blijven werken, fulltime of parttime. Dit kan financieel aantrekkelijk zijn. Het extra inkomen wordt opgeteld bij je AOW en pensioen en belast tegen het gunstige, lagere tarief van de eerste schijf. Bovendien ben je als werkende AOW’er een aantrekkelijke werknemer, omdat je werkgever minder sociale premies over je loon hoeft af te dragen. Jij en je werkgever betalen bijvoorbeeld geen AOW-premie meer. Je bouwt geen nieuwe AOW-rechten op, maar je verhoogt wel je besteedbaar inkomen. Met onze tool voor belasting over extra inkomen kun je een goede inschatting maken van wat je netto overhoudt.
De AOW is de basis, geen eindstation
Een veelgemaakte fout is denken dat de AOW-uitkering genoeg is om je levensstandaard na pensionering voort te zetten. De AOW is een basisinkomen, gebaseerd op het minimumloon. Voor de meeste mensen is dit niet voldoende. Het Nederlandse pensioenstelsel rust daarom op drie pijlers:
- De AOW: Het basispensioen van de overheid voor iedereen die in Nederland heeft gewoond of gewerkt.
- Werkgeverspensioen: Het aanvullende pensioen dat je via je werkgever(s) opbouwt. Dit vormt voor de meeste gepensioneerden het grootste deel van hun inkomen.
- Eigen voorzieningen: Alle extra’s die je zelf regelt, zoals een lijfrente, banksparen, beleggingen of spaargeld.
Vooral voor zelfstandig ondernemers is dit laatste punt van groot belang. Als zzp’er bouw je geen werkgeverspensioen op en ben je volledig zelf verantwoordelijk voor je pensioenplanning bovenop de AOW. Het is essentieel om hier tijdig voor te sparen. Ben je zzp’er? Gebruik dan onze tool voor het berekenen van je netto inkomen om inzicht te krijgen in wat je opzij kunt zetten.
Veelgestelde vragen over de AOW-leeftijd
Kan ik mijn AOW-leeftijd vervroegen?
Nee, de AOW-leeftijd wordt door de overheid vastgesteld en is voor iedereen met dezelfde geboortedatum gelijk. Je kunt de AOW-uitkering niet eerder laten ingaan. Wel kun je besluiten om eerder te stoppen met werken, maar dan moet je de periode tot je AOW-leeftijd met eigen middelen overbruggen, bijvoorbeeld met spaargeld of door je aanvullend pensioen eerder op te nemen.
Wat als ik samenwoon of getrouwd ben?
De hoogte van je AOW-uitkering hangt af van je leefsituatie. Er zijn verschillende bedragen voor alleenstaanden en voor mensen die samenwonen of getrouwd zijn. Een alleenstaande ontvangt een hogere AOW-uitkering (meestal 70% van het netto minimumloon) dan iemand die een partner heeft (per persoon 50% van het netto minimumloon). Het inkomen van je partner heeft geen invloed op je recht op AOW, maar de Sociale Verzekeringsbank (SVB) kijkt wel of je als samenwonend wordt beschouwd om de hoogte van de uitkering te bepalen.
Ik heb een paar jaar in het buitenland gewoond, wat nu?
Dit is een belangrijke vraag, want een verblijf in het buitenland kan je AOW-uitkering verlagen. Voor elk jaar dat je verzekerd bent voor de AOW, bouw je 2% van de volledige uitkering op. De verzekeringsperiode loopt grofweg van je 15e tot je AOW-leeftijd. Als je in die periode 5 jaar in het buitenland hebt gewoond en daar niet verzekerd was voor de Nederlandse AOW, krijg je een korting van 5 x 2% = 10% op je uiteindelijke AOW-uitkering. Dit geldt voor de rest van je leven. Het is soms mogelijk om je vrijwillig te verzekeren als je in het buitenland woont, maar dit moet je actief zelf regelen.