Van ABP naar PFZW: wat gebeurt er met je opgebouwd pensioen als je wisselt van sector?

Inhoudsopgave
- Twee grote fondsen, één cruciaal moment
- Wat er automatisch wél gebeurt: slapersrechten
- Wat er níét automatisch gebeurt: de waardeoverdracht
- Rekenvoorbeeld: overdragen of achterlaten?
- Het nieuwe pensioenstelsel als extra factor
- Wanneer overdragen financieel ongunstig kan uitpakken
- Stap voor stap: wat je concreet regelt bij een overstap
- De veelgemaakte misvatting: ‘het fonds regelt het vanzelf’
- Wat als je de termijn al jaren geleden hebt gemist?
- Controleer je pensioenoverzicht via MijnPensioenoverzicht.nl
Je hebt net je handtekening gezet onder een contract in de zorg, na jaren voor de klas te hebben gestaan. De eerste werkdag staat gepland, je nieuwe collega’s zijn geïntroduceerd en je hebt je salaris nagevraagd. Maar je pensioen? Dat komt later wel. En precies daar gaat het voor veel mensen mis.
De overstap van onderwijs naar zorg betekent ook een overstap van het ABP naar PFZW. Dat zijn twee aparte pensioenfondsen, met elk hun eigen regels, dekkingsgraden en administratie. Je rechten bij het ABP verdwijnen niet zomaar, maar ze komen ook niet automatisch mee. Er zijn termijnen, formulieren en berekeningen bij betrokken die je bewust moet aanvragen. Wij van Bruto-netto.nl leggen in dit artikel stap voor stap uit wat er met je opgebouwde pensioen gebeurt, wat je zelf moet regelen en wanneer waardeoverdracht slim is, en wanneer je er beter van af kunt zien.
Twee grote fondsen, één cruciaal moment
ABP en PFZW zijn twee van de grootste pensioenfondsen van Nederland. Het ABP beheert het pensioen van mensen die werken bij de overheid, in het onderwijs of bij defensie. PFZW doet hetzelfde voor werknemers in de zorg en welzijn. Je kunt niet zomaar bij beide fondsen tegelijk actief deelnemer zijn: de sector waarin je werkt, bepaalt bij welk fonds je opbouwt.
Op het moment dat jij de overstap maakt van onderwijs naar zorg (of andersom), stop je automatisch met actief opbouwen bij het ene fonds en begin je dat bij het andere. Dat klinkt logisch, maar er zitten haken en ogen aan die de meeste mensen niet zien aankomen.
Wat er automatisch wél gebeurt: slapersrechten
Je hoeft niets te doen om je opgebouwde pensioen bij het ABP ‘veilig te stellen’. Het blijft gewoon staan. Je wordt wat in pensioenjargon een slaper heet: iemand die niet langer actief bijdraagt aan een fonds, maar er wel aanspraken heeft opgebouwd die op de pensioendatum tot uitkering komen.
Die slapersrechten zijn wettelijk beschermd. Het fonds is verplicht ze te bewaren en te indexeren (voor zover de financiële situatie dat toelaat). Je doet dus in principe niets verkeerd als je je oude rechten bij het ABP laat staan en gewoon bij PFZW begint op te bouwen.
Maar ‘niets verkeerd’ is niet hetzelfde als ‘optimaal’. Daar zit het verschil.
Wat er níét automatisch gebeurt: de waardeoverdracht
Als je je opgebouwde pensioen wilt meenemen naar je nieuwe fonds, dan heet dat een waardeoverdracht. En die vraag je zelf aan. Het fonds regelt dat niet voor je.
De termijn die hierbij geldt, is cruciaal: je hebt in principe zes maanden na indiensttreding bij je nieuwe werkgever om een waardeoverdracht aan te vragen. Vraag je het later aan, dan kan het nieuwe fonds de aanvraag weigeren. Officieel is er enige coulance mogelijk, maar reken er niet op. In de praktijk zien wij van Bruto-netto.nl regelmatig dat mensen deze termijn missen omdat ze simpelweg niet wisten dat die bestond.
Hoe vraag je het aan? Dat doe je bij je nieuwe pensioenfonds, dus PFZW als je vanuit onderwijs de zorg in gaat. Zij nemen vervolgens contact op met het ABP om de waarde over te dragen. Jij hoeft niet zelf met het ABP te onderhandelen.
Rekenvoorbeeld: overdragen of achterlaten?
Stel: je bent 38 jaar, hebt tien jaar in het onderwijs gewerkt en stapt over naar de zorg. Bij het ABP heb je een opgebouwde aanspraak van €4.200 per jaar (bruto, vanaf je pensioendatum). Wat zijn je opties?
Optie 1: slapersrecht laten staan bij ABP. Je aanspraak van €4.200 blijft bij het ABP staan. Op je pensioendatum krijg je dit bedrag per jaar van het ABP, bovenop wat je bij PFZW opbouwt. Indexatie is afhankelijk van de dekkingsgraad van het ABP op dat moment.
Optie 2: waardeoverdracht naar PFZW. Het ABP berekent de actuele waarde van je aanspraak (de zogenoemde overdrachtswaarde) en draagt dat bedrag over aan PFZW. PFZW koopt daar vervolgens nieuwe aanspraken mee in, maar dan volgens de rekenregels en het pensioenreglement van PFZW.
Het verschil zit hem in twee dingen. Ten eerste: de dekkingsgraad op het moment van overdracht. Als de dekkingsgraad van het ABP op het moment van je aanvraag laag is (zeg, onder de 110 procent), kan het ABP de overdracht tijdelijk opschorten. Je pensioen meenemen bij baanwisseling is dan simpelweg even niet mogelijk. Ten tweede: de rekenrente die beide fondsen hanteren. Als PFZW met een lagere rekenrente werkt, koop je voor dezelfde overdrachtswaarde minder aanspraken in dan je bij het ABP had. Je kunt er dan financieel op achteruitgaan, ook al lijkt overdragen logisch.
Er is geen universeel antwoord op de vraag of overdragen slim is. Het hangt af van je leeftijd, de dekkingsgraden op het moment van aanvraag en de rekenrentes die beide fondsen gebruiken. Beide fondsen zijn wettelijk verplicht je vooraf een opgave te sturen van wat je ontvangt en wat je inlevert, zodat je een weloverwogen keuze kunt maken.
Het nieuwe pensioenstelsel als extra factor
De pensioensector is middenin een grote transitie. Nederland stapt over op een stelsel met persoonlijke pensioenvermogenen, waarbij je pensioenopbouw meer individueel wordt bijgehouden in plaats van als collectieve aanspraak. Zowel ABP als PFZW zijn bezig met de omzetting van bestaande rechten naar dit nieuwe systeem.
Dat heeft gevolgen voor de vergelijking tussen overdragen en achterlaten. Slapersrechten worden bij de transitie ook omgezet, maar de manier waarop dat gebeurt en de uitkomst kunnen per fonds verschillen. Als je rechten verspreid zitten over twee fondsen, heb je ook twee transitiemomenten met elk hun eigen uitkomst. Dat maakt het overzicht lastiger te bewaren.
Onze redenering: als je toch overweegt te overdragen, is het verstandig dat te doen vóórdat de transitie bij het oude fonds volledig is afgerond. De omstandigheden kunnen daarna veranderen op een manier die moeilijk te voorspellen is.
Wanneer overdragen financieel ongunstig kan uitpakken
Er zijn situaties waarin je beter kunt afzien van een waardeoverdracht. De belangrijkste zijn:
- Lage dekkingsgraad: als de dekkingsgraad van het ontvangende fonds (PFZW in dit geval) laag is, is de rekenrente die zij gebruiken ongunstiger. Je koopt dan minder pensioen in voor hetzelfde ingebrachte bedrag.
- Hogere leeftijd: naarmate je ouder bent, is de tijdshorizon korter en zijn de actuariële berekeningen gevoeliger voor kleine verschillen in aannames. Boven de 55 jaar wordt het zelden interessant.
- Actuarieel evenwicht: pensioenfondsen zijn verplicht de overdracht actuarieel neutraal te maken. Dat klinkt eerlijk, maar in de praktijk pakt het voor de werknemer soms iets minder gunstig uit dan je zou hopen, afhankelijk van de rekenrentes.
Het verplichte opgaveformulier dat je van beide fondsen krijgt, laat precies zien wat de uitkomst is. Neem daar de tijd voor. Je hoeft niet binnen een dag te beslissen nadat je de opgave hebt ontvangen.
Stap voor stap: wat je concreet regelt bij een overstap
Stap 1: meld je indiensttreding correct. Zorg dat je nieuwe werkgever je zo snel mogelijk aanmeldt bij PFZW. Jouw zes maanden beginnen te lopen vanaf de datum van indiensttreding, niet vanaf wanneer de administratie het verwerkt.
Stap 2: vraag waardeoverdracht aan bij PFZW. Dit doe je schriftelijk of via het deelnemersportaal van PFZW. Geef daarbij aan dat je pensioen hebt opgebouwd bij het ABP. PFZW neemt dan contact op met het ABP.
Stap 3: ontvang de opgave van beide fondsen. Je ontvangt een berekening van wat je overdraagt en wat je daarvoor terugkrijgt. Vergelijk dit zorgvuldig. Kijk niet alleen naar het bedrag, maar ook naar de aannames die zijn gebruikt.
Stap 4: neem een beslissing en bevestig deze. Als je besluit over te dragen, bevestig je dat bij PFZW. Als je besluit het slapersrecht te laten staan, hoef je niets te doen, maar zorg dan dat je het ABP op de hoogte houdt van adreswijzigingen.
Stap 5: controleer je nieuwe pensioenoverzicht. Nadat de overdracht is verwerkt, ontvang je een nieuw Uniform Pensioenoverzicht (UPO) van PFZW. Controleer of de ingebrachte rechten correct zijn verwerkt.
De veelgemaakte misvatting: ‘het fonds regelt het vanzelf’
Dit is verreweg de meest kostbare misvatting. Veel werknemers denken dat de twee fondsen onderling wel iets regelen als ze van sector wisselen. Dat is niet zo. Het initiatief ligt bij jou als werknemer, en de termijn is hard.
Een andere misvatting is dat je bij een slapersrecht ‘geld verliest’. Dat klopt niet per se: je aanspraken blijven bestaan en worden jaarlijks gerapporteerd. Maar je mist wel de mogelijkheid om alles bij één fonds samen te brengen, wat op latere leeftijd overzichtelijker is en soms financieel gunstiger.
En dan is er nog de gedachte dat overdragen altijd beter is. Ook dat klopt niet. De uitkomst hangt af van de omstandigheden op het moment van overdracht. Doe het niet blind, maar gebaseerd op de concrete opgave die je ontvangt.
Wat als je de termijn al jaren geleden hebt gemist?
Misschien lees je dit artikel omdat je al een paar jaar in de zorg werkt en je nu pas realiseert dat je die waardeoverdracht nooit hebt aangevraagd. De termijn is verlopen. Wat nu?
De harde termijn van zes maanden geldt voor de officiële waardeoverdracht. Maar er zijn een paar alternatieven om te verkennen. Ten eerste kun je bij PFZW alsnog informeren of er ruimte is voor een late aanvraag. Formeel hoeven ze die niet te accepteren, maar in uitzonderlijke gevallen en bij aantoonbaar administratieve fouten is er soms coulance. Ten tweede bestaat in sommige gevallen de mogelijkheid van een individuele waardeoverdracht buiten de termijnmaar dit vergt instemming van beide fondsen en is niet gegarandeerd.
Wat je in elk geval kunt doen: zorg dat je slapersrecht bij het ABP correct op je naam staat, dat je adresgegevens actueel zijn en dat het recht zichtbaar is op je pensioenoverzicht. Dan is er in elk geval niets verloren gegaan, ook al is samenvoeging niet meer mogelijk.
Controleer je pensioenoverzicht via MijnPensioenoverzicht.nl
Of je nu net bent overgestapt of al jaren geleden de stap hebt gemaakt: ga naar MijnPensioenoverzicht.nl en log in met je DigiD. Hier zie je een gecombineerd overzicht van alle pensioenrechten die bij jouw burgerservicenummer zijn geregistreerd, dus zowel bij het ABP als bij PFZW (en eventuele andere fondsen uit eerdere banen).
Controleer het volgende:
- Staan alle dienstverbanden correct vermeld, inclusief de jaren bij je vorige werkgever?
- Is het slapersrecht bij het ABP zichtbaar en klopt het bedrag globaal met wat je verwacht op basis van je dienstjaren?
- Als je een waardeoverdracht hebt laten uitvoeren: is het bedrag bij PFZW hoger geworden en is het ABP-recht verdwenen?
Klopt er iets niet? Neem dan direct contact op met het betreffende fonds. Fouten in pensioenadministratie worden niet altijd vanzelf gecorrigeerd, maar als jij ze signaleert, kunnen ze wel worden hersteld.
Je opgebouwde rechten bij het ABP staan op jouw naam en blijven dat ook als je niets doet. Maar als je ze wilt samenvoegen met wat je voortaan bij PFZW opbouwt, moet je dat zelf aanvragen, en wel binnen zes maanden na indiensttreding. Die termijn is hard.
Vraag de waardeoverdracht aan zodra je contract is ingegaan. Wacht op de verplichte opgave van beide fondsen en vergelijk de bedragen. Valt de overdracht gunstig uit, dan draag je over. Valt die dat niet, bijvoorbeeld omdat de dekkingsgraad van het ontvangende fonds te laag is, dan laat je het slapersrecht bij het ABP staan en zorg je dat het zichtbaar is op MijnPensioenoverzicht.nl.
Dat laatste is geen omslachtige klus: een paar minuten op MijnPensioenoverzicht.nl geeft je direct inzicht in wat er waar staat geregistreerd. Wie dat nalaat, loopt het risico jarenlater rechten terug te vinden in een administratie die ze allang vergeten waren.
Gecontroleerd op cijfers en bedragen door Hieke Hulzebosch, onze factchecker.
Mis nooit meer een update
Voeg Bruto-Netto.nl toe als voorkeursbron in Google, zodat je vaker onze rekentools en uitleg over belastingen en salaris te zien krijgt.
Toevoegen als voorkeursbron
